Effectief leesonderwijs bij AWBR

Goed leren lezen is geen toeval, maar een kwestie van goed onderwijs.

 

Kinderen hebben taal nodig om hun emoties te begrijpen, om vriendschappen te sluiten, om de wereld te begrijpen en om mee te kunnen doen. Op school zijn jullie hier dagelijks mee bezig in veel verschillende vormen. Goed leren lezen is een van onze belangrijke opdrachten en speerpunt binnen de AWBR.

Er is daarom een gemeenschappelijke visie ontwikkeld binnen AWBR, gedragen door alle scholen, uitgewerkt in onderdelen die we in 2029 bereikt willen hebben binnen al onze scholen.

 

AWBR visie op leesonderwijs

Binnen AWBR zien wij lezen als een sleutelvaardigheid voor leren, persoonlijke groei en volwaardige deelname aan de samenleving. Daarom zetten wij sterk in op een samenhangend, doelgericht en effectief leesbeleid in ons onderwijs, waarin alle onderdelen van effectief lezen vertegenwoordigd zijn (figuur 1). 

Wij geloven dat zowel leerlingen als medewerkers goede lezers moeten zijn, worden én blijven: mensen die in staat zijn teksten diepgaand te begrijpen, kritisch te verwerken en hun leesvaardigheid blijvend te ontwikkelen. 

 

Binnen AWBR maken scholen eigen keuzes in vakdidactiek en leermiddelen die passen bij hun eigen onderwijsconcept, populatie, situatie en ambitie en leggen dit vast in hun leesbeleidsplan. Tegelijkertijd spreken we een gezamenlijke ambitie uit: effectief, betekenisvol en activerend leesonderwijs realiseren voor élk kind. Niet vrijblijvend, maar doelgericht, met rijke teksten/boeken en onderbouwd, waarbij leerkrachten weten wat er nodig is om een goede lezer te worden. Want goed leren lezen is geen toeval – het is een kwestie van goed onderwijs. 

 

Dit hebben we bereikt in 2029 

 

Doelgerichte en samenhangende aanpak (leesbeleid);  

  • Elke school werkt aan lezen vanuit een heldere en gedeelde visie, met duidelijke doelen op leerling-, groeps- en schoolniveau. Lezen is zichtbaar verweven in het curriculum en wordt planmatig en structureel vormgegeven in een leesbeleid (als onderdeel van het verplichte taalbeleidsplan).  
  • De gebruikte leermiddelen zijn van goede kwaliteit en vanuit het kwaliteitskader leermiddelen taal van de kennistafel effectief leesonderwijs door het team in beeld gebracht en op gereflecteerd. 
  • Ingezette leermiddelen bevatten zowel receptieve taalactiviteiten (lezen, luisteren) als productieve taalactiviteiten (spreken, schrijven, gesprekken voeren) en worden beide voldoende geoefend.  
  • Lezen gebeurt met een doel in samenhang met andere leergebieden, wereldoriëntatie, burgerschap en digitale geletterdheid. 

 

Effectieve leesaanpak:  

  • Op alle scholen wordt effectief leesonderwijs gegeven, leerkrachten, ib en directie zijn op de hoogte van de onderliggende pijlers van effectief lezen en handelen daarnaar. 
  • Alle leerlingen zijn in staat om uit rijke authentieke boeken/ teksten te lezen, erover te praten en te schrijven, wat leidt tot diep tekstbegrip. 
  • Alle leerlingen zijn in staat om het doel uit een tekst te halen waarvoor ze het lezen. 
  • Er wordt gewerkt met rijke teksten en boeken, wat betekent dat er zo min mogelijk verarmde teksten ingezet worden en dat zo veel mogelijk gewerkt wordt met authentieke, betekenisvolle, kwalitatieve teksten met een tekststructuur en waarvan de auteur/bron bekend is. Teksten zetten leerlingen aan tot redeneren en actief nadenken over hun emotionele, sociale, culturele, maatschappelijke of cognitieve ontwikkeling. 
  • Op alle scholen wordt er dagelijks gelezen en voorgelezen van groep 1 tot en met groep 8. Jeugdliteratuur vormt een wezenlijk onderdeel van ons leesonderwijs. Vrij lezen wordt begeleid door de leerkracht. 
  • Op alle scholen is er een goed boekenaanbod en een motiverende leesomgeving, waarin de aandacht voor lezen zichtbaar is door de school. Leerlingen kunnen hun weg vinden naar het juiste boek. 

 

Systematische monitoring en begeleiding;  

  • Wij hanteren eenzelfde definitie van leesvaardigheid, namelijk het begrijpen van, gebruiken van, evalueren van, reflecteren op en omgaan met teksten om je doelen te bereiken, je kennis en potentieel te verruimen en deel te kunnen nemen aan de maatschappij. 
  • De leesontwikkeling van leerlingen wordt nauwkeurig gevolgd. De leesvaardigheid, belezenheid, leesgedrag en leesmotivatie zijn onderdeel van deze leesontwikkeling en vormt de basis voor de leesaanpak op de verschillende zorgniveaus.  
  • Op basis van toetsresultaten én observaties maken scholen gerichte keuzes voor instructie, differentiatie en ondersteuning. De leesvaardigheid, belezenheid, leesgedrag en leesmotivatie zijn onderdeel van deze leesontwikkeling. Het toetsbeleid binnen scholen is zinvol en onderbouwd. 
  • De scholen worden gemonitord door het jaarlijks invullen van de leesscan, bij monitorbezoeken is het leesbeleid en de uitkomsten van de leesscan onderwerp van gesprek.  

 

Samenwerking: 

  • Elke school heeft een leescoördinator. Alle scholen hebben een afgevaardigde in het leescoördinatoren netwerk van de AWBR 
  • Er is bovenschoolse expertise, ondersteuning en monitoring voor de realisatie van de bestuurlijke ambitie.  
  • Er kan bovenschools gericht onderzoek uitgevoerd worden waar nodig. 

 

Weet jij hoe jouw school invulling aan de visie heeft gegeven? Vraag er naar bij jouw lees/taalcoördinator, intern begeleider of directeur. Iedere AWBR school heeft een leescoördinator. Lees hier wat deze rol inhoudt.